Wie is het gezicht en de persoon achter Muzan?

Hoi, ik ben Anja

Muziek is mijn leven. Ik kom uit een muzikale familie, dus waarschijnlijk zit het gewoon in m’n bloed. Ik weet dan ook niet beter dan dat ik altijd muziek gemaakt heb.

Als peuter waren er speelgoed instrument, maar als kleuter kreeg ik m’n eerste eigen blokfluit met boekje. Na wat uitleg van ons pap ben ik daarmee aan de slag gegaan. En toen ze vanuit de fanfare op school langskwamen was ik verkocht. Hoewel ik eigenlijk cornet wilde gaan spelen, werd het de hoorn ‘want dan kon ik naast m’n vriendin zitten, die eigenlijk sopraansax wilde gaan doen’. Een goede keuze, blijkt achteraf. Want jaren later en diploma’s verder, spelen we allebei nog steeds hoorn. Ik kon die cornet toch niet helemaal los laten. Dus toen het binnen het orkest qua bezetting nodig was, heb ik tussendoor 10 jaar cornet gespeeld. Maar inmiddels ben ik al weer heel wat jaren terug bij m’n hoorn.

Naast het zelf muziek maken, ontdekte ik al snel dat ik ook graag bezig ben met mensen enthousiast maken om ook muziek te gaan maken, les geven en dirigeren, het uitschrijven van muziek en met het regelen en organiseren van projecten en evenementen. En dat is al lang niet meer alleen bij m’n eigen vereniging.

ANJA VAN DINTHER

Leraar, dirigent en muzikaal inspirator

muzikant en leraar

Ik weet niet beter dan dat ik altijd muziek gemaakt heb. Als klein kind op speelgoed instrumenten, vervolgen op blokfluit en daarna op hoorn en cornet.

Door de jaren heen heb ik ook steeds muziekles gegeven en dat wordt op dit moment alleen maar meer. Zo leuk om nieuwe muzikanten (jeugd en volwassenen) enthousiast ta maken en houden, en te helpen op nu muzikale ontdekkingsreis. En om te kijken wat ze nodig hebben, zodat ze in hun eigen tempo kunnen groeien als muzikant.

dirigent

Hoe jammer is het als je binnen de vereniging wel enthousiaste jeugd hebt, maar geen jeugdorkest. Dat was voor mij de aanleiding om – tijdens m’n studie aan de HTS – cursussen te volgen en ons eigen jeugdorkest te gaan dirigeren. Inmiddels ruim 25 jaar later doe ik dat nog steeds met veel plezier, en niet alleen bij mijn eigen vereniging.

Naast het dirigeren beginnersorkest, heb ik ook verschillende jaren de jeugdmuziekdag (met tot 200 muzikanten) en schoolbands gedirigeerd en er muziek voor uitgeschreven.

muzikaal inspirator

Het zijn niet m’n eigen woorden! Maar woorden die heel vaak gebruikt wordt als ze het over mij hebben. Maar inderdaad, ik vind het heerlijk om mensen enthousiast te maken om zelf muziek te gaan maken. Daar ligt denk ik m’n grootste kracht.

Met mijn enthousiasme en inmiddels ook heel wat ervaring, durf ik het wel aan om te zeggen dat ik weet wat nodig is om verenigingen te helpen met advies over ledenwerving of het organiseren van muzikale projecten, zoals een jeugddag, projectorkest of scholenproject.

ik geloof de kracht van muziek!
maar wat is mijn kracht binnen de muziek?

Wat is er nu zo leuk, zo goed, zo fijn, zo belangrijk, zo… vul maar in… aan muziek maken? Dat is voor iedereen anders. Waar de een enorm geniet van de mooie klanken gaat het bij de ander juist vooral om het sociale aspect. En waar de een er naar streeft om zo snel mogelijk alles te beheersen, de lesboeken in een rap tempo doorwerk en hoopt vlug door te stromen van het beginnersorkest naar het grote orkest van de muziekvereniging en misschien wel als streven heeft om de eerste partij te gaan spelen, vind de ander het prima om lekker op z’n gemak zijn muzikale reis te verkennen en hier en daar een uitstapje te maken naar andere muziek dan alleen het lesboek en geniet van het ‘in de luwte zitten’ bij het beginnersorkest. En juist die verschillen zijn enorm belangrijk.

Ik merk vaak dat een muziekleraar resultaat wil zien. Je moet oefenen, het moet goed, je moet vooruitgaan, lukt een les niet dan moet je hem nog maar een keer doen. En voor sommige kinderen en volwassenen werkt dit, maar lang niet voor allemaal. Het belangrijkste aan les geven, vind ik dat je je leerling ziet. Dat je ziet wat zijn behoefte zijn, dat je weet wat hij wil leren en dat je hem kunt prikkelen om dat te leren. Dat doe je in mijn ogen niet door ‘moeten’ maar door ‘mogen’. En leerling moet niet oefenen omdat hij anders te horen krijgt dat het niet goed genoeg is. Een leerling mag oefenen, zodat hij de stukken kan spelen die hij graag wil spelen. En lukt een ritme of een noot niet? Niks aan de hand, want dat ritme of die noot komt nog zeker 100x voorbij in het lesboek. En ‘vraagt’ het boek meer dan waar de leerling aan toe is op dat moment, ook niks aan de hand. Er zijn nog zoveel meer boeken en stukken die op dat moment wel goed passen en het plezier verhogen in plaats van de frustratie vergroten.

Iedere leerling is een individueel persoon, met eigen plannen, wensen en ideeën. Mijn rol als leraar is om de leerlingen te motiveren en – met goede instructies – de kans en mogelijkheid te geven om zijn eigen muzikale weg te vinden.

En die rol is als dirigent niet veel anders. Door te zien waar de muzikanten zich prettig bij voelen en een veilige omgeving te creëren waar ze uitgedaagd worden, kansen krijgen, maar ook fouten durven te maken, zullen de muzikanten binnen een orkest groeien.

En daar ligt mijn kracht binnen de muziek. Ik vind het heerlijk om mensen enthousiast te maken om zelf muziek te gaan maken. Ik geniet er van om mensen een kans geven om zelf te ontdekken hoe leuk dat is. En door ze te zien, kan ik ze motiveren en uitdagen, materiaal geven waarmee ze mogen oefenen en zelf hun eigen muzikalen weg te vinden, of dat nu over de snelweg richting een doel is of via een kronkelweg met hier en daar een mooi uitzichtpunt. Op die manier beleven ze ook echt plezier aan het (samen) muziek maken.